De gezondheidszorg en verpleegkunde, zowel in Nederland als wereldwijd, is steeds meer onderhevig aan veranderingen. Er is sprake van ontwikkelingen in de zorg, op zowel digitaal gebied (zoals eHealth en andere innovatie en technologie), maar er zijn ook politiek-maatschappelijke ontwikkelingen gaande. Het werk van de verpleegkundige verandert daardoor en het is belangrijk om de (toekomstige) zorgprofessionals goed daarop voor te bereiden. Om die reden is er een zogenaamd opleidingsprofiel voor het verpleegkundig hbo onderwijs ontwikkeld, waarin de 7 CanMEDS rollen centraal staan. Ook tijdens de mbo opleiding en de vervolgopleiding tot Verpleegkundig Specialist en Physician Assistant komen deze rollen volop aan bod!

CanMEDS rollen betekenis

Het opleidingsprofiel omvat onderwerpen en competenties die relevant zijn binnen het vak van verpleegkunde anno nu. Het profiel is gebaseerd op het beroepsprofiel verpleegkundige geldt voor iedere verpleegkundige, in welk werkveld ook.. Belangrijke pijlers in het profiel zijn zelfmanagement, klinisch redeneren en preventie.

Om de competenties te kunnen omschrijven is er gebruik gemaakt van 7 CanMEDS (Canadian Medical Education Directions for Specialists) rollen. De rollen worden in het profiel apart worden beschreven, zijn de rollen ten alle tijden met elkaar verbonden, met de rol van zorgverlener als centrale rol.

Rol 1: Zorgverlener

De CanMEDS rol van zorgverlener staat centraal en overlapt alle andere rollen. Het is erop gericht om, waar mogelijk, het zelfmanagement van de patiënt of cliënt te ondersteunen en versterken. Daarnaast moet de zorgverlener zich bewust zijn van alle contexten van de zorgvrager: lichamelijk (somatiek), psychisch, functioneel en sociaal (maatschappelijk). Indiceren, vaststellen en organiseren van zorg valt ook onder deze rol. Tenslotte is de zorgverlener zelfstandig bevoegd voor de in de wet BIG genoemde voorbehouden handelingen (injecties, katheteriseren).

Benodigde kennis: kennis van anatomie, fysiologie en pathologie, verpleegtechnische handelen, preventie. Klinisch redeneren, interventies, zelfmanagement

Rol 2: Communicator

De verpleegkundige kan op een professionele manier, op de cliënt of patiënt gerichte communicatie uitvoeren. Zo nodig betrekt de verpleegkundige daarbij het netwerk van de patiënt. Hiervoor moet de zorgprofessional goed kunnen luisteren en inleven in de zorgvrager, knelpunten herkennen, advies geven, voorlichten en motiveren. Daarnaast is het van belang dat de verpleegkundige op de hoogte is van technologieën in de communciatie (e-health, ICT toepassingen, EPD en andere digitale middelen). 

Benodigde kennis: gesprekstechnieken, motiverende gespreksvoering, motiveren, beeldbellen, ICT gebruik, elektronisch patiëntendossier.

Rol 3: Samenwerkingspartner

De verpleegkundige moet op een gelijkwaardig niveau kunnen samenwerken met verschillende disciplines (leidinggevende, artsen, collega’s, zorgvragers). Dit geldt ook voor organisaties en netwerk buiten de eigen organisatie: wijkteam, politie, scholen, cultureel centrum, ketenpartners etc. Ook het op de juiste manier rapporteren van al deze informatie is belangrijk. Gezamenlijke besluitvorming (shared decision making) en multidisciplinair werken zijn van uiterst belang in deze CanMEDS rol.

Voorbeeld: multidisciplinair overleg bijwonen, ethische benadering, ketenzorg, rapporteren voor collega’s, overleg met arts.

Rol 4: Reflectieve EBP professional

Handelt volgens EBP (evidence based practise) en reflecteert op het eigen handelen. Past zoveel mogelijk onderzoek, instrumenten, methodieken en interventies toe die hun dienst hebben bewezen en bijdragen aan het uiteindelijke doel. De verpleegkundige werkt aan de eigen ontwikkeling en deskundigheid en kan de eigen handelingen beargumenteren (moreel ethische dilemma’s) en kan daarop reflecteren en feedback ontvangen.

Voorbeeld: het doen van (wetenschappelijk) onderzoek, EBP toepassen, handelen volgens methodiek, vakliteratuur lezen, richtlijnen en protocollen.

Rol 5: Gezondheidsbevorderaar

De CanMEDS rol van gezondheidsbevorderaar zorgt voor bevordering van de gezondheid van de zorgvrager in de brreedste zin van het woord. Hierbij kun je denken aan diverse vormen van preventie en het bevorderen van zelfmanagement en netwerk van de patiënt. Het hebben van een goede communciatie, professionele reflectie en een onderzoekende houding zijn hiervoor cruciaal.

Voorbeeld: kennis van gezond gedrag en interventies voor gedragsverandering, gezondheidsvoorlichting, en de (verschillende vormen van) preventie, kennis over culturen en diversiteit en de verschilende opvattingen daarvan..

Rol 6: Organisator

De verpleegkundige coördineert de zorg voor de patiënten die onder de zorg vallen. Deze zorgketen kan multidisciplinair zijn. De professional kan hierin leiderschap tonen in het handelen. Het is van belang de belangen van de patiënt centraal te stellen. Organiseren van zorg gebeurt dan ook in samenspraak met de zorgvrager.

Voorbeeld: zorg coördineren voor je patiënt of cliënt, kennis van zorgketens en processen, indiceren, zorg op afstand bewerkstelligen.

Rol 7: Professional en kwaliteitsbevorderaar

De verpleegkundige werkt zoveel mogelijk evidencebased, volgens wetenschappelijk onderzoek. Veel zorg is protocollair vastgesteld. Als mogelijk werkt de verpleegkundige mee aan de ontwikkeling van deze protocollen en gebruikt daarbij EBP.

Voorbeeld: kennis vergaren over wet- en regelgeving, het volgen van bijscholing en nascholing, lid zijn van een beroepsvereniging, protocollen, lid van beroepsgroep.

 

Het beroepsprofiel of opleidingsprofiel Bachelor of Nursing is in een boek samengebracht. Het boek kan je helpen tijdens je studie en tijdens je werk en geeft een omschrijving van de nieuwe hbo-verpleegkundige.

Bron: VenVN